Er lijkt een verschil te zijn tussen een mening en een oordeel. Een rechter baseert zijn vonnis niet op een persoonlijke gril, maar op wetten en redelijkheid. Immanuel Kant (1724-1804) spreekt dan ook over het oordeelsvermogen als “het vermogen om het bijzondere als vallend onder het algemene te denken”. Dankzij de universele menselijke vermogens tot oordelen, kunnen we bovendien een zinvolle discussie voeren over onze oordelen en zelfs overtuigd raken van het tegendeel.
Volgens Hannah Arendt vormt oordelen de basis van een gedeelde wereld. Wie oordeelt, spreekt niet slechts namens zichzelf, maar verwoordt zo goed als hij kan hoe het is voor iedereen, waarbij hij zijn common sense gebruikt om zijn blik te verbreden met het perspectief van anderen. Met onze oordelen onderhouden en vormen we de regels en betekenissen van de wereld waarin wij met anderen leven.
We kunnen onze vragen stellen bij de haalbaarheid van een gedeelde wereld binnen het huidige medialandschap, dat alleen maar verder versnipperd is geraakt sinds Arendt deze woorden opschreef. Bestaat er nog zoiets als common sense, een gemeenschappelijk zintuig? Bovendien: is een Kantiaans streven naar een ‘universele consensus’ niet achterhaald, of zelfs onderdrukkend?
Wat zijn de voorwaarden voor het vormen van een oordeel, en in hoeverre zijn die aanwezig in de 21e eeuw? Zijn er ook zaken waar we niet over kunnen oordelen? En in hoeverre moeten oordelen gepaard gaan met daden?
Annelies Degryse verdedigde in 2011 haar proefschrift over Arendts politieke filosofie aan de Katholieke Universiteit Leuven, waarin zij onder andere schreef over Arendts lezing van Kants derde kritiek over het oordeelsvermogen. Tijdens haar aanstelling bij de KU Leuven werkte ze als gastonderzoeker aan Yale en de Universiteit van Flensburg en organiseerde zij onder andere de conferentie 'Citizenship and Cosmopolitanism in Hannah Arendt'.
Wout Cornelissen is universitair docent rechtsfilosofie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Voorheen was hij onder meer verbonden aan de Freie Universität Berlin, Vanderbilt University, Nashville, Tennessee, en het Hannah Arendt Center for Politics and the Humanities aan Bard College, Annandale-on-Hudson, New York. Hij is mede-tekstbezorger en -redacteur van de nieuwe, kritische editie van Hannah Arendts laatste en onvoltooid gebleven werk, The Life of the Mind, over denken, willen en oordelen (Wallstein Verlag, 2024) en publiceerde onder andere over Arendts begrippen van het denken.
Frans van Peperstraten doceerde sociale filosofie, cultuurfilosofie en esthetica aan de Universiteit van Tilburg. In zijn onderzoek richtte hij zich vooral op Kant, Heidegger, Lyotard en Lacoue-Labarthe. Zijn laatste boek is Oordelen zonder regels. Kant over schoonheid, kunst en natuur, Boom, Amsterdam, 2020. Ook was hij de spreker in de podcast over Lyotard die eind januari 2025 in de reeks Podcast Filosofie uitkwam.