(3 februari 2009)
Dat is toch achterhaald? Kokketeren met Marx. Communisme is helemaal uit de mode. Marx, dat kan echt niet meer aldus Pieter Hilhorst in zijn column in de Volkskrant. Heb je een hippe bril op, dan praat je over gender of post-kolonialisme. Of gewoon over iets kleins. Of over integratie. Want dat is erg complex. Of in kunstkringen zeggen ze gelaagd.
De kredietcrisis is erg, maar communisme is nog erger. Geen alternatief volgens Hilhorst. Maar komt hij zelf met een alternatief? Nee. En dat is zo kwalijk aan dit soort columnisten. Ze hebben overal een mening over zonder zelf een criterium voor het denken aan te leveren. Ze weten het zelf ook niet meer. Maar een ding weten ze wel. Communisme is uit de mode.
Filosofie is leuk, maar het moet niet te gek worden, hoor. Keurig binnen de lijntjes kleuren. Filosofie moet kunnen wanneer Desanne, Bas of Ad iets melden over liberale religie. Maar verder moet het niet gaan, want anders is het totalitair of communistisch.
Hoe je over het communisme denkt is natuurlijk afhankelijk van wat je onder het communisme verstaat. Onder communisme versta ik het plan om de economie ondergeschikt te maken aan de politiek, d.w.z. om de politiek vrij en soeverein te laten werken. De economie functioneert in het medium geld. Ze opereert met getallen. De politiek functioneert in het medium taal. Ze opereert met woorden – niet alleen met argumenten, programma’s en resoluties, maar ook met bevelen, verboden, besluiten en verordeningen. De communistische revolutie is de omzetting van de samenleving van het medium geld naar het medium taal. Ze is een linguistic turn op het gebied van de maatschappelijke praktijk. Het is namelijk niet voldoende om de mens als een sprekend wezen te definiëren. Globaal gesproken is dit hetgeen wat voortdurend in de recente filosofie gebeurt ondanks alle nuances en onderlinge verschillen tussen de afzonderlijke filosofische posities. Zolang de mens onder de condities van de kapitalistische economie leeft, blijft hij in wezen stom, omdat zijn lot niet tot hem spreekt.
In het kapitalisme functioneert de taal zelf namelijk als waar, d.w.z. ze is in wezen stom. Kritische en protesterende uitingen worden als succesvol beschouwd als ze goed en als mislukt als ze slecht verkopen. Deze uitingen onderscheiden zich in geen enkel opzicht van alle andere waren die evenmin spreken, of slechts spreken voor zover ze aan de man gebracht kunnen worden.
Het kapitalisme opereert niet in hetzelfde medium als zijn kritiek. Omdat het kapitalisme en zijn discursieve kritiek qua medium onverenigbaar zijn, kunnen ze elkaar nooit ontmoeten. Je moet de maatschappij eerst veranderen. Je moet haar talig maken om haar vervolgens op een zinvolle wijze onder kritiek te kunnen stellen. Marx’ stelling dat de filosofie de maatschappij niet moet interpreteren maar veranderen zou je op de volgende wijze kunnen herformuleren: om de maatschappij te kunnen bekritiseren moet ze communistisch worden. Dit verklaart de voorliefde van het kritisch bewustzijn voor het communisme. Alleen het communisme namelijk voltrekt de totale linguistische omwenteling van de menselijke situatie waardoor ruimte ontstaat voor fundamentele kritiek.
Pieter Hilhorst en al die slome columnisten hebben dat kritische bewustzijn niet en maken hun taal daarmee hoerig aan het kapitalisme.
Tiers Bakker is redactielid van Felix & Sofie
79 / Laatst gewijzigd: 03-Feb-2009